Onderwerpselectie

Inventarisatie onderzoeksonderwerpen
Jaarlijks stelt de rekenkamercommissie vast welke onderzoeken zij het komende kalenderjaar gaat uitvoeren of laat uitvoeren. De rekenkamercommissie stelt het jaarplan jaarlijks op voor 1 november en stuurt het ter kennisname naar de raad. Voor 2006 wordt het jaarplan en de onderzoeksopzet voor 2006 gelijktijdig ter kennisname naar de raad gestuurd.

Voorafgaand aan de vaststelling wordt geïnventariseerd welke onderwerpen zich lenen voor een onderzoek. Suggesties voor onderzoeksonderwerpen kunnen worden aangedragen door de gemeenteraad, het college, de ambte Voorafgaand aan de vaststelling wordt geïnventariseerd welke onderwerpen zich lenen voor een onderzoek. Suggesties voor onderzoeksonderwerpen kunnen worden aangedragen door de gemeenteraad, het college, de ambtelijke organisatie, inwoners van Goirle en belangengroeperingen. De inwoners en belangengroeperingen wordt via de website de mogelijkheid geboden om suggesties voor onderzoek aan te dragen. De rekenkamercommissie beslist of en wanneer de verzoeken worden gehonoreerd.

De rekenkamercommissie laat zich bij haar keuze van onderwerpen niet alleen leiden door verzoeken van derden, maar houdt ook zelf bij wat er speelt binnen de gemeente.
De commissie houdt bij haar werkzaamheden rekening met de onderzoeken die worden ingesteld door het college van burgemeester en wethouders en de externe accountant. Het college wordt jaarlijks verzocht , onder verwijzing naar artikel 212 en 213a, een opgave te doen van de krachtens dit artikel gedane onderzoeken en de resultaten daarvan, alsmede van de onderzoeken die het college voornemens is uit te (laten) voeren.

De onderwerpen worden getoetst aan de hand van een aantal criteria.

Selectiecriteria
De rekenkamercommissie kiest onderwerpen die in belangrijke mate voldoen aan de volgende selectiecriteria:

  1. Het onderwerp moet betrekking hebben op de doelmatigheid, doeltreffendheid of rechtmatigheid van het beleid;
  2. Het onderwerp heeft substantieel financieel, maatschappelijk en/of politiek belang;
  3. Het moet door de gemeente te beïnvloeden beleid betreffen en moet zoveel mogelijk leiden tot concrete verbeteringen en/of het bevorderen van het lerend vermogen van de organisatie
  4. Er is sprake van een risico, bijvoorbeeld een financieel of maatschappelijk risico als het onderwerp niet wordt onderzocht;
  5.  Er is sprake van beredeneerde twijfel over de doelmatigheid, doeltreffendheid en/of rechtmatigheid;
  6. Het onderwerp moet voor de rekenkamercommissie haalbaar zijn, dat wil zeggen dat het past binnen haar financiële en organisatorische mogelijkheden;
  7.  Er moet sprake zijn van enige evenwichtige spreiding over de gemeentelijke beleidsterreinen in opvolgende onderzoeken;
  8.  Meerwaarde van een onderzoek door de commissie (in plaats van een ander) gremium moet duidelijk zijn;